Gepost op

Voorwoord boek door Marieke Henselmans

Onderzoekers en beleidmakers weten het wel, of zouden het kunnen of moeten weten. In 2015 gaven de gemeente Rotterdam en de Stichting de Verre Bergen opdracht de oorzaken van schuldvorming te onderzoeken. Is het hebben van schulden ‘eigen schuld’? Is het een kwestie van niet willen of niet kunnen? Volgens het onderzoek gaat het in wel tachtig procent van de gevallen om ‘niet kunnen’. De samenleving is zó ingewikkeld geworden dat het voor een bepaalde groep bijna ondoenlijk is om uit de problemen te blijven. Roeland van Geuns, Lector armoede en participatie, Hogeschool van Amsterdam betoogt al jaren dat er wel sprake kan zijn van onhandig financieel gedrag, (gewoon teveel uitgeven), maar dat de focus op de opstapelende problemen voor iemand met schulden bijna automatisch leidt tot een vernauwde blik en ’domme’ korte termijn oplossingen, zoals lenen en andere noodsprongen. Voor échte  oplossingen zijn een beetje rust en ruimte in je hoofd nodig en dat is precies wat in een probleem- of crisissituatie ontbreekt. Beleidsmakers en hulpverleners zouden daar rekening mee moeten houden. Hulpverleners zouden meer écht moeten helpen en stress reduceren in plaats van vergroten. Dat is bekend, maar daar wordt in de praktijk (nog) weinig mee gedaan. Er leven in Nederland circa 700.000 mensen met problematische schulden en nog eens 1,5-1,9 miljoen mensen lopen risico. Zo’n 92.000 mensen doen een beroep op schuldhulpverlening, waarvan maar een derde wordt toegelaten tot een schuldregeling. Circa 25.000 mensen weten de regeling met succes af te sluiten:  nog niet eens vier procent.

Co Eppink behoort dus tot een piepklein groepje doorzetters dat er uit komt. Wie het boek van Eppink leest weet voor eens en altijd waarom die groep zo klein is. Om tot de schuldsanering toegelaten te worden is een gevecht nodig, doorzettingsvermogen, geduld en een ijzeren zelfbeheersing. En om het vol te houden nog meer van dat alles. Soms heeft Co geluk en treft een uitgestoken hand. Maar vaak lijkt hij rondjes te lopen in een bureaucratisch doolhof, waar de ambtenaren, schuldeisers, juridische adviseurs en wie al niet hem van het kastje naar de muur sturen. Iedereen die op enige manier met schulden te maken heeft zou dit boek moeten lezen. En wat mij betreft mogen degene die succesvol uit de schuldsanering komen en na, zeg 5 jaar nog vrij van schulden zijn, naast de ‘schone lei’ een Koninklijke onderscheiding krijgen. Ik maak in elk geval een diepe buiging uit respect voor de prestatie van Co Eppink en het beschrijven van zijn weg uit het doolhof in dit boek.

 

Bespaarkoningin van Nederland:

 

                      Marieke Henselmans

 

 

 

Bijten op een houtje

 

Gelezen door Liselotte Maas

Liselotte is per 1 september 2017 Stafmedewerker & teamleider bureau WSNP in Den Bosch. Voorheen was zij bewindvoerder in Utrecht en werkzaam geweest als schuldhulpverlener.

 

In dit boek beschrijft Co Eppink hoe het is om schulden te hebben. En hoe lang de weg is als je besluit er iets aan te doen. Het illustreert het woud aan instanties, regels, een minnelijk traject, een wettelijk traject met heel veel hobbels, tot ein-de-lijk die schone lei er is. Het boek is uit. En ik schaam mij dat ik al ruim 15 jaar zelf ook onderdeel ben van dit systeem. Het beschrijft hoe wij – overheid – denken van alles goed te regelen, maar uiteindelijk is het voor mensen een groot doolhof. Treffend vond ik het stuk over de brief waarin de pro-forma toelatingszitting wordt aangekondigd. “Zal ik toch maar wel gaan, om mijn goede wil te tonen?” Iedereen die in de schuldsanering werkt, weet dat dit zinloos is. Twee extra regels aan een brief toegevoegd hadden veel stress kunnen wegnemen. En zo staat het boek vol van momenten waar niet Co, maar iedereen die te maken heeft met de schuldhulpverlening, zich eigenlijk voor zou moeten schamen.

Lezen dus. En laat me weten wat je ervan vindt.

l.maas@rvr.org

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *